In 1966 kruist de weg van Masao Adachi die van Kôji Wakamatsu, een jonge autodidact die succesvol de erotische cinema vernieuwde door zijn eigen films te produceren. Wakamatsu treedt op de voorgrond dankzij zijn esthetische verdiensten en zijn productiviteit (soms bijna tien films per jaar). Bovendien maakt hij naam dankzij een internationaal diplomatiek schandaal bij de projectie van zijn film "Secrets Behind the Wall" in Berlijn. Adachi is geïnteresseerd in het rebelse potentieel en de toegankelijkheid van Pink. Het idee vat bij hem post dat het genre ondermijnd kan worden door er een politieke boodschap in te schuiven, vanaf het moment er om de 20 minuten een naakt meisje getoond wordt. Wakamatsu maakte van die vrijheid al gebruik, maar met Adachi scherpt hij zijn engagement aan. Ze werken samen aan het scenario, de productie en de regie van een dertigtal films die vaak verankerd zijn in de actualiteit dankzij de snelle draaimethode in guerrillastijl. Ze vullen elkaar goed aan: Wakamatsu is populair met zijn directe stijl en zijn Pinkfilms, Adachi is de ideoloog die de militanten bereikt. Beiden hebben ze dezelfde rebelse ziel die zich tegen het establishment verzet, ieder op zijn manier: Wakamatsu zei cinema te maken "om er flikken te vermoorden zonder in de gevangenis te belanden", Adachi vraagt zich af waarom je tussen een camera en een wapen moet kiezen als je twee handen hebt...
Masao Adachi & Kôji Wakamatsu