De Modelwijk werd ontworpen in het kader van Expo 58. Men heeft er 18 jaar lang aan gebouwd en vandaag huizen er 2195 bewoners met 44 verschillende nationaliteiten verdeeld over een kleine duizend sociale appartementen.
Volgens de architect Renaat Braem -één van de ontwerpers- moest de Modelwijk een "vredig oord in de chaos van de buitenwijken" worden, maar vandaag staat dit credo ter discussie... De wijk grenst namelijk aan het Heizelplateau, momenteel het mikpunt voor allerhande stedenbouwkundige dromen. Het terrein van 67 ha en sinds 1926 eigendom van de stad Brussel, heeft heel wat interesse opgewekt.
Er circuleren verschillende plannen voor de Heizel. In het Plan voor de Internationale Ontwikkeling van Brussel wordt het naar voor geschoven als een zone met hoge internationale waarde en dus hoge financiële verwachtingen. De toekomst van de Heizel is sterk verbonden met andere grondreserves van het Gewest, een toekomst die in het teken staat van de fantasmen van "internationale aantrekkelijkheid". Vorig jaar bezocht PleinOPENair er enkele van deze sites (Weststation, Tour & Taxis, Schaarbeek Vormingstation).
De plannen voor de Heizel: een congrescentrum voor 3500 bezoekers (gepromoot door de stad), een nieuw stadion (gepromoot door het Gewest), een commercieel centrum van 100.000m2 (gepromoot door het Gewest en de stad), woonruimte en een grote zaal. In november 2008 stelde de stad zich ook kandidaat om een nieuwe kern van bureaus voor de Europese gemeenschap te verwelkomen. In totaal wordt 650.000m2 vooropgesteld.
Het spreekt voor zich dat de 100 hectaren (67 ha + 31 ha van parking C) van deze site niet volstaan om al die nieuwe infrastructuur te herbergen, eens te meer omdat -in tegenstelling tot andere grondreserves van het Gewest- op het plateau van de Heizel niet eender wat gebouwd kan worden. Naast het tentoonstellingspark en het Boudewijnstadion is er ook nog het Atomium en andere infrastructuur zoals Bruparck met onder andere Mini-Europa, het planetarium, Oceade en Kinepolis en niet te vergeten de bewoners. De site omvat ook parking C (in het Vlaams Gewest) en Trade-Mart die dankzij wijlen VDB geniet van een concessie van de stad tot 2060, ja dankuwel!
Veel mensen vinden dat deze stedenbouwkundige erfenis van de jaren 50 beter tot haar recht moet komen, maar over het hoe en wat is er al heel wat inkt gevloeid. Vertegenwoordigers van de gemeenteraad, bewonerscomité’s en verenigingen van aanpalende commercanten klagen over een totaal gebrek aan transparantie van de procedures. Er zijn heel wat bedenkingen te maken over de reële intenties van de stad.
26 maart laatstleden presenteerde de stad Brussel officieel haar ontwikkelingsplan voor de Heizel. Ze wil daarbij geen enkele piste uitsluiten. Minimaal zal een congrescentrum worden gebouwd en er wordt aan een mobiliteitsstudie gewerkt om de haalbaarheid van alle plannen in te schatten. De stad, grotendeels eigenaar van de gronden op het plateau, wil de waarde van de site maximaal laten renderen in overleg met het Gewest en de bewoners. Deze omvangrijke infrastructuurwerken hebben een grote impact op de omgeving en voor de bewoners staat er dan ook veel op het spel, of ze nu in de Modelwijk wonen of in de tuinwijk Verregat. Want het blijven natuurlijk slechts huurders van sociale woningen!
Het mega shoppingcenter is voor de Brusselse autoriteiten eigenlijk noodzakelijk om na de constructie van het congrescentrum en het stadion het financieel evenwicht te herstellen. Een nieuw commercieel centrum kan zware gevolgen hebben voor de commercanten in de buurt en voor de handelskernen elders in Brussel. Wat de bestaande infrastructuur zoals Mini-Europa en Océade betreft, wel, zij worden verzocht tegen 2010 hun biezen te pakken. Ze trekken nochtans veel bezoekers, maar dat blijkt geen voldoende krachtig argument om op te kunnen tegen het financiële manna dat de speculatie belooft te genereren.